Onder de titel In de Middeleeuwen laten we zien dat de Gimbrères al lang vaste voet hadden in het gebied ten noordwesten van Auch. De eerste Gimbrère van wie we hebben kunnen aantonen dat hij een directe voorvader is van de Nederlandse Gimbrères, is Fris, die rond 1560 in Castera Vivent leefde. In de Database kun je rondsnuffelen en veel informatie vinden. Probeer het maar eens uit door hier op Jean te clicken. Hieronder tref je een overzicht van de directe voorouders, in vogelvlucht.

  1. Fris (1) Gimbrere (voor 1535 –voor 1596)
    Waarschijnlijk was hij landbouwer en handelde hij ook in tarwe van andere boeren. Zoals gebruikelijk was in die tijd (veel
    mensen hadden dezelfde voornaam) had Fris een bijnaam: “Pontet”, bruggetje. Hij was in 1564 consul van Castera Vivent,
    een soort wethouder. Castera Vivent (nu le Vieux Castéra) was een castelnau, een versterkt dorpje met één straat en een
    kerk. In het dorpje zelf stonden maar weinig huizen, maar de gemeente had rijke landbouwgronden en veel boerderijen. Fris
    en zijn verwanten hadden een zeker aanzien in het dorp, want ze werden begraven in de Sint-Blaisekerk. Zijn broer Bernard
    was pastoor van die kerk, wat betekent dat hij en waarschijnlijk ook Fris goed geschoold waren. In elk geval heeft Fris ook
    een van zijn zoons een goede scholing gegeven: Bertrand heeft waarschijnlijk aan de universiteit van Toulouse Rechten
    gestudeerd. Hij was adviseur van de familie d’Auxion, de lokale adellijke seigneurs van Vivent (de relatie tussen de twee
    families bleef meer dan 100 jaar in stand) en later advocaat aan de rechtbank in Jegun. Fris en zijn broer Bernard hadden in
    elk geval de nodige bezittingen, waar Fris’ zoons Bertrand en Ramond in 1596 als erfgenamen rechtszaken tegen elkaar over
    gevoerd hebben. Hun broers Jehan en Fris (2) waren toen al overleden. Fris had geen testament en sommige van zijn
    bezittingen waren in 1601 nog deel van een onverdeelde boedel.
  2. Fris (2) Gimbrere (voor 1560 –voor 1596)
    Waarschijnlijk was ook hij boer en handelde ook hij in tarwe. Hij moet al overleden zijn voordat zijn broers Bertrand en
    Ramond elkaar in de haren vlogen rond de erfenis van hun vader. Die ruzie mondde uit in een akkoord na bemiddeling in
    1596. Van deze Fris weten we verder niet veel meer dan dat hij getrouwd was met Marie de Bordes en (tenminste) twee
    zoons had: Blaise en Jean. Blaise was geen boer, maar handelde wel in graan. Ook was hij goed geschoold, want hij heeft
    vaak mensen bijgestaan bij het opstellen van overeenkomsten bij de notaris. Jean heeft daarentegen niet leren schrijven. Hij
    vestigde zich in Ayguetinte. Mogelijk heeft de adellijke seigneur van Vivent, die ook in Ayguetinte bezittingen had (en wiens
    zoon later ook seigneur van Ayguetinte werd), Jean daarbij geholpen.
  3. Jean Gimbrere was aan het begin van de 17e eeuw herbergier in Ayguetinte. We weten dat er in 1637 in zijn herberg een notariële akte is opgesteld. Waar zijn herberg stond, is niet bekend. Wellicht was het in de bocht van de doorgaande weg, de D930, bij de Sainte-Radegondekerk. De kerk en de weg lijken nieuw, maar op de Carte de Cassini uit de 18e eeuw is te zien dat de asfaltweg de oude route volgt en dat de 19e -eeuwse kerk op de plaats van een oude kerk is gebouwd. De huizen aan het kleine pleintje zien er ook tamelijk nieuw uit, maar ze passen in het oude huizenpatroon, dat te zien is op de kaart van het kadaster van 1811. Wie de gasten in zijn herberg waren weten we evenmin. Kooplui, troubadours, vertegenwoordigers van Koning Hendrik IV, wellicht? We weten niet veel van Jean, maar armlastig was hij niet. Hij trouwde tweemaal, met Anne Panjas en Jeanne Dache. Hij was in het bezit van een pachtboerderij, de Métairie de la Borde deu Bosc. In notariële archieven hebben we vijf zoons ontdekt, van wie er drie maitre chirurgien werden en twee schoenmaker. Wij zullen zoon Blaise verder volgen.  
  1. Blaise Gimbere, oudste zoon van Jean en Jeanne Dache, is rond 1610 in Ayguetinte geboren en werd er maitre chirurgien. Hij trouwde met Lucie Despenan. We vonden vijf zoons van hem, die allen in de voetsporen van hun vader ook maitre chirurgien werden. Blaise erfde met zijn oudere halfbroer Raymond samen de métairie de la Borde deu Bosc. Blaise is ongeveer in 1693 overleden. Hij heeft geen testament opgesteld en dat zal niet nodig geweest zijn: hij had bij huwelijkscontracten van zijn zoons Antoine en Bernard ainé ieder de helft van zijn huidige en toekomende bezittingen geschonken (onder voorbehoud van vruchtgebruik en van 100 pond voor ieder van zijn drie andere kinderen). Hij ging wel zover dat hij in 1690 bij ziekte een verklaring aflegt om te voorkomen dat zijn oudste zoons onmin zouden krijgen over wat vee dat Antoine gekocht had met geld van zijn bruidsschat, en dat gestald stond in de métairie, gezamenlijk bezit. In die verklaring geeft hij ook aanwijzingen voor zijn begrafenis en zielenheil. Van de vijf zoons van Blaise bleven er drie in Ayguetinte, de anderen zetten de chirurgiepraktijk voort in Auch en Gaillac. In een kadasterboek van Ayguetinte van 1676 staan de bezittingen van Blaise in het territorium van Ayguetinte vermeld: hij heeft een huis aan de zuidkant in het dorp, naast de poort in de muur, met een grondoppervlak van 150 vierkante meter, zoals aangegeven in de bovenstaande kadasterkaart. Verder heeft hij binnen de dorpsmuren nog een plaats van 300 vierkante meter. Buiten de muren heeft hij nog een klein boerderijtje, 6,4 hectare landbouwgrond, een kleine hectare wijngaarden, een halve hectare bos en een klein stukje weiland van 14 are, vermoedelijk genoeg om zijn paarden te weiden. Hij is verder nog steeds eigenaar van de métairie de la Borde deu Bosc, maar die ligt in het territorium van Valence en staat daarom niet in dit kadaster. 
  1. Raymond Gimbrere was de derde van de vijf zoons van Blaise en Lucie. Hij bleef in Ayguetinte en trouwde in 1701 in St Jean de Bazillac, 25 km ten zuiden van Ayguetinte, met Louise Touzet, een juristendochter. Dit echtpaar kreeg tenminste twee zoons en een dochter: Antoine, Marie en Bernard. Raymond was maitre chirurgien en nam ook deel aan het dorpsbestuur. We troffen aan dat hij in 1704 de rol van consul (een soort wethouder) vervulde. Hij was ook nog eigenaar van de métairie de la Borde deu Bosc, want zijn oudste zoon Antoine verkocht die in 1730. Raymond moet voor 1719 overleden zijn, want Louise verpachtte toen als weduwe een stuk landbouwgrond. In 1733 gaf Louise haar zoon Bernard, toen garçon marchand in Bordeaux, toestemming te trouwen met wie hem goeddunkt. Zij kon deze verklaring overigens zelf niet ondertekenen.
  1. Bernard Gimbrere is in 1733 naar Bordeaux vertrokken, met 800 pond uit de erfenis van zijn vader op zak. Bordeaux telt in 1700 al 40.000 inwoners en de handel in wijn, koloniale goederen en slaven zorgen voor een gouden eeuw. Bernard leert het vak van knopenmaker en trouwt al na enkele maanden in 1733 met Marie Magdelaine Roullau (zoals de familieleden hun naam meestal zelf spellen, autoriteiten schijven het met eau en één- of tweemaal een l). Bernard en Marie M. krijgen negen kinderen. Van vijf vinden we na hun geboorte geen informatie meer. Oudste zoon Guillaume wordt een soort belastinginspecteur, de jongste is Dominique. Bernard is later koopman, wat suggereert dat hij van de welvaart in Bordeaux heeft kunnen profiteren.
  1. Dominique Gimbrere, geboren in 1748 in Bordeaux, lijkt niet de meest ontwikkelde Gimbrere die we hebben aangetroffen. Hij kan weliswaar zijn naam schrijven, maar spelt die de ene keer zus, de andere keer zo. Bij zijn huwelijk in 1780 is hij nog “marinier” (varensgezel), in 1786 is hij cuisinier de bord, scheepskok, en nog later lijkt hij als kok (“cuisinier”) aan wal gebleven te zijn. Hij trouwt met Jeanne Cornet en krijgt met haar, net voor en tijdens de Franse Revolutie, zeven kinderen, drie zoons en vier dochters. Voor twee kinderen wordt als naam van de moeder Arnaude Cornet vermeld. Vermoedelijk is dat dezelfde als Jeanne, want zo heet de moeder van de jongste weer. In de stukken wordt vaker met namen gerommeld. Dat blijkt ook uit de geboorteaktes van de oudste twee: daar wordt als echtgenoot van Jeanne Cornet de naam Bernard vermeld. Met dit soort onnauwkeurigheden is het begrijpelijk dat er behoefte was een état civil, een burgerlijke stand waarin alle levensgebeurtenissen nauwkeurig werden bijgehouden!
  1. Jean Gimbrere, de tweede zoon van Dominique/Bernard en Jeanne, werd op 24 januari 1783 in Bordeaux in de parochie St Projet geboren en een dag later, zoals alle familieleden, in de kathedraal St André gedoopt. De gouden eeuw van Bordeaux was voorbij, Napoleon Bonaparte kwam aan het bewind en wilde van het geannexeerde Antwerpen een belangrijke marinehaven maken. Veel Fransen trokken naar het noorden, als soldaat of ambachtsman. We treffen ook Jean na 1800 in Antwerpen aan, waar hij het beroep van smid, later slotenmaker ging beoefenen. Het leven van Jean wordt in het hoofdstuk Antwerpen verder besproken. Hier volstaan we ermee aan te geven dat hij vader werd van:
  1. Jean François Gimbrere, die In Tilburg een grote Gimbrere-dynastie stichtte en de voorvader is van alle levende Gimbrères ter wereld.